7min leestijd   door Raoul De Groote op 23 februari 2022
De Omloop Het Nieuwsblad vormt al decennialang de definitieve start van het wielerseizoen in België. Met de komst van die eerste wedstrijd – na voorbereidingskoersen in Zuid-Amerika, Australië en het Midden-Oosten – komen meteen ook de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix, twee hoogtepunten in de Heilige Week, in het vizier. In het Gentse café De Karper kijkt Ronie Keisse, vader van, elk jaar opnieuw hard uit naar die (r)entree van de koers op eigen bodem.

Op Palmzondag 25 maart 1945 begint Gent een nieuw wielerhoofdstuk. Onder de voorwaarde om op de hoofdwegen telkens het militaire verkeer voorrang te geven, kan de allereerste editie van de Omloop van Vlaanderen van start gaan. Europa is op dat moment nog in oorlog – Duitsland capituleert pas op 7 mei – en daarom presenteert de organisatie haar koers graag als een ‘voorteken van vrede en voorspoed’. De koers is meteen ook de eerste grote organisatie van de krant Het Volk. Voor de gebouwen van het dagblad starten 81 renners, om na een tocht van 187 km aan te komen op de Gentse wielerpiste. In de eerste twee jaren heet de wedstrijd nog de Omloop van Vlaanderen. Maar omdat die benaming te veel op de Ronde van Vlaanderen lijkt, wordt de wedstrijd naar de organiserende krant genoemd – Omloop Het Volk – om in 2009 uiteindelijk omgedoopt te worden tot Omloop Het Nieuwsblad.

Succesvolle seizoensopener

Al in de beginjaren kan de Omloop bogen op een grote populariteit, zo blijkt uit een verslag van 24 maart 1947: ”Het werd een toeloop der allergrootste dagen, en als de deelnemers zich naar het hotel Metropole, waar de rugnummers uitgedeeld werden, wilden begeven, moesten ze zich werkelijk een weg banen door een driedubbele haag toeschouwers die de erewacht vormde tot verre over de Albertbrug. Duizenden sportenthousiasten hielden er dus aan de deelnemers vóór den eigenlijken aanloop reeds aan te moedigen.” In de jaren zestig ontpopt de Omloop zich steeds verder tot dé koers die het wielerleven in Vlaanderen in gang duwt. En omdat de lente eind maart nooit veraf is, kondigt Het Volk haar koers in 1963 aan onder de titel “Lentegloren met kermisklokken.”

Na een korte concurrentiestrijd met Kuurne-Brussel-Kuurne verwerft de Omloop in de jaren zeventig definitief haar statuut van seizoensopener, op een moment dat de Ronde van Vlaanderen voor het laatst (in 1976) op gang gevlagd wordt in Gent. In tegenstelling tot de Ronde start de Omloop niet aan het station, maar wel op het Sint-Pietersplein. Twintig jaar later wordt de komst van de Omloop nog steeds op vreugde onthaalt, ook bij onze noorderburen. Mart Smeets omschreef de Omloop in 1996 als volgt: “Vandaag schrijven we het woord leven weer met hoofdletters. We leven weer! Krokussen mogen nu de grond uitkomen, het bloed, de adrenaline stroomt weer door ons heen, ik zie weer coureurs, het leven is begonnen!”

Vandaag schrijven we het woord leven weer met hoofdletters. We leven weer! Krokussen mogen nu de grond uitkomen, het bloed, de adrenaline stroomt weer door ons heen, ik zie weer coureurs, het leven is begonnen!
Mart Smeets

Omdat Palmzondag en Pasen in 2016 vroeg vallen en de Halfvastenfoor dan nog op het Gentse Sint-Pietersplein staat, moeten de toeschouwers – traditiegetrouw in brede drommen en trappelend van ongeduld – de Omloop Het Nieuwsblad dit jaar uitzonderlijk vanaf het Jan Hoetplein voor het SMAK uitwuiven. Dat betekent: nog maar een paar tientallen meters verwijderd van café De Karper, uitgebaat door Ronie Keisse, vader van Etixx-QuickStep-renner Iljo Keisse. “Ik heb een bepaald cliënteel opgebouwd dat over de koers spreekt van als het seizoen begint en kranten en magazines met de eerste voorbeschouwingen komen. Dan begint het hier te leven en is het uitkijken naar de Omloop”, aldus Ronie.

Koers in De Karper

Heel vroeger lag vlakbij het café het voetbalveld van AA Gent, toen nog een vlakte zonder tribune. Nu zijn het de wielerpiste in het Kuipje en de start van de Omloop die De Karper op de kaart zetten, naast uiteraard zoon Iljo, de ‘Keizer van het Kuipke’. In 2008, toen Philippe Gilbert op 1 maart voor de tweede maal de opener van het seizoen won, lag de aankomst op de Citadellaan zelfs pal voor het café van Keisse: “Om echt veel volk over de vloer te krijgen, moet de finish net zoals toen vlak voor mijn deur liggen. Ik ken onder andere Peter Van Petegem, de parcoursbouwer, hij loopt wel eens binnen, maar om een of andere reden willen ze de aankomst hier niet meer leggen.” Toch weet de organisatie het café liggen. Vorig jaar nog werd de contractverlenging tussen de stad Gent en de wedstrijdorganisatoren van de Omloop hier geketend. “Ook de toeschouwers van de Gentse Zesdaagse komen makkelijk naar hier, vooral de buitenlanders die op hotel zitten. Veel Engelsen. Dan kleden we het café ook extra aan met fietsen. Toen de Tour in 2007 in Gent aankwam, was alles geel en groen.”

De eerste wedstrijden van het seizoen in onze contreien laten de cafébaas niet onberoerd. “Tot aan Roubaix interesseert mijn café mij bij wijze van spreken niet. De koers daarentegen. Daarna is het weer tijd om te werken. Tussen de Ronde van Vlaanderen en Roubaix neem ik vrij in het café om als voorbereiding een week rond te kunnen rijden. Naar de koersen in de buurt ga ik kijken: naar de Omloop vaak niet omdat ik dan in het café bezig ben, maar wel meestal naar Harelbeke, Waregem. Naar de Ronde en Roubaix ga ik altijd. In de Ronde ken ik mijn weg, maar voor Roubaix ga ik altijd een parcours uitzoeken en timen hoelang ik erover doe om mij te verplaatsen om de renners een keer of tien te kunnen zien langsrijden.”

Keisse is ingenieur Openbare Werken van opleiding. “Maar ik ben indertijd met een hamburgerkraam begonnen om naar de koers te kunnen gaan. De eerste keer dat ik mijn kraam opzette, was bij de Omloop Het Volk, in 1982, met aankomst in Zwijnaarde. Jaren daarna ben ik er de aankomst van de Omloop mee blijven frequenteren, tot ik mij die keer dat de koers in Lokeren arriveerden afvroeg wat ik dáár eigenlijk stond te doen.” Uiteindelijk nam hij café De Karper over. “Het was altijd al een sportcafé, dus ik dacht er een wielercafé van te maken. Ik ben daar na een paar maanden mee moeten stoppen omdat het hier een studentenbuurt is en dit dus eigenlijk een studentencafé hoorde te zijn. Maar gaandeweg begonnen de klanten mij te vragen of ik niet de pa van Iljo Keisse was? Ik kreeg meer en meer een cliënteel van wielersupporters. Op den duur vroegen ze zelfs waarom ik niets van Iljo toonde? Dus stoort het niemand dat er sindsdien foto’s en kaderplaatjes van Iljo uithangen. De klanten zijn het intussen gewoon. Ik heb hier trouwens, heel toevallig, al een paar keer de vrouw van de latere winnaar van de Omloop over de vloer gehad. Het gebeurt namelijk dat we een vrouw zien zitten die echt wel geïnteresseerd is in de wedstrijd en die dan tegen de finale vertrekt om live naar de aankomst te gaan kijken. En dan zien we op tv aan de beelden van na de aankomst dat het de vrouw van de winnaar was (lacht).”

Seingever met accordeon

Ook in Zeeuws-Vlaanderen wordt elk jaar hoopvol uitgekeken naar de Omloop, zegt Jan van den Broeke, een van de organiserende krachten achter de Junioren Driedaagse, een internationale UCI-wedstrijd die vanuit het Nederlandse Axel ook de Vlaamse Ardennen aandoet. Bestuur, sponsors en liefhebbers vertrekken elk jaar met een dubbeldekbus naar café De Karper om er te ontbijten, de start van de Omloop bij te wonen en de koers op zoveel mogelijk plaatsen langs het parcours te volgen. In het Hof van Oranje in Balegem houden ze daarna een afsluitend diner vooraleer terug te keren naar Axel.

“We rijden meteen na ons ontbijt in De Karper en de start richting de Haaghoek, waar we de renners drie keer voorbij zien komen. Daar, in Zegelsem, zitten we onder andere in het stamcafé van Marijn De Valck, (Balthazar Boma uit De Kampioenen, nvdr.) waar ze voor soep en broodjes zorgen en waar we de wedstrijd ook op een groot scherm kunnen volgen. Voor de renners er passeren, ga je buiten staan bij supporters die een radiootje hebben en zo ontmoet je altijd wel bijzondere mensen. We zaten in Zegelsem eens in café Den Drijhaard in een apart voor ons voorbehouden zaaltje op een scherm naar de koers te kijken. Er kwam een man bij ons staan en hij dronk er eentje met ons mee. Maar bij het volgende rondje zei hij: “Nu moet ik stoppen, want ik moet vanavond nog een dienst leiden.” Het was de pastoor van de kerk daar tegenover! Nou, Belgischer kan toch niet? En in Den Hengst, boven op de Valkenberg. Daar speelde iemand accordeon voor ons. Op een gegeven moment stopte hij, want hij moest seingever gaan spelen als de koers voorbij kwam, zei hij. Jááá, mooi toch? Dichter bij het wielrennen dan in de Omloop kan je niet komen.”

Dit artikel verscheen eerder in Etappe #05 (2016).

Dit nummer staat in het teken van de 100ste editie van de Ronde van Vlaanderen, het 45-jarig overlijden van wielergod Jean-Pierre Monseré en de tentoonstelling 'Koers is Religie'. Je ontdekt onder meer een fiets van Fiorenzo Magni, een ode aan Frank Vandenbroucke en de roots van de kermiskoers.

Zin in meer historische wielerverhalen? Haast je naar onze shop!

KOERSshop

Omloop Het Nieuwsblad

De Omloop Het Nieuwsblad is een Vlaamse eendaagse wielerwedstrijd die in het algemeen het wielerseizoen in België en Noord-Europa opent. Om die reden heeft deze wedstrijd een vrij grote status. Sinds 2006 wordt er ook een wedstrijd voor vrouwen georganiseerd. Deze werd oorspronkelijk enkele weken na de editie van de mannen verreden. Vanaf 2010 vindt de wedstrijd op dezelfde dag plaats. Van 2010-2018 werd de Omloop Het Nieuwsblad voor beloften georganiseerd. Deze UCI 1.2 koers werd eind juni/begin juli verreden.
serviceKoers

Uw browser voldoet niet aan de minimale vereisten om deze website te bekijken. Onderstaande browsers zijn compatibel. Mocht je geen van deze browsers hebben, klik dan op het icoontje om de gewenste browser te downloaden.