longread
interview

“Die fietsreis heeft mijn leven beïnvloed.” Etienne Vanneste trok in 1976 dwars door Afrika

14min leestijd   door Jurgen Creyf op 13 juni 2025
Op 2 april begon voormalig profrenner Jelle Wallays in Roeselare een fietstocht van 15.000 km door Europa. De West-Vlaming wil daarmee geld inzamelen voor Kom op tegen Kanker. Etienne Vanneste, een streekgenoot van Wallays, waagde zich in de jaren ‘70 aan een gelijkaardige onderneming. Maar dan wel louter voor het avontuur. Met de fiets doorkruiste hij 15 landen op het Afrikaanse continent.

Etienne Vanneste werd in 1946 geboren in Hooglede, een buurgemeente van Roeselare. De liefde voor fietsen en wielrennen kreeg hij mee van zijn vader Jozef. "Hij deed bijna alles met de fiets en gebruikte enkel de wagen als het niet anders kon", vertelt Etienne. "Hij was een groot koersliefhebber. We keken samen naar de klassiekers en waren beiden supporter van Rik Van Looy."

"Ook de Ronde van Frankrijk volgden we op de voet. Mijn pa was een enorme fan van Raymond Poulidor. Hij haatte Jacques Anquetil. Ik niet. Ik had echt bewondering voor Anquetil. Hij kon sneller rijden dan om het even wie. Zoals hij op een fiets zat. Wat een stylist."

"Na zijn dood bezocht ik zijn kasteel in Frankrijk. Dat is gelegen in La Neuville-Chant-d’Oisel, in de buurt van Rouen. Hij heeft daar na zijn carrière gewoond en had er ook landbouwgrond die hij zelf bewerkte. In het kasteel bevond zich de bloementuil van zijn overwinning in Luik-Bastenaken-Luik van 1966. Maar verder was daar toen niets te zien dat verwees naar zijn koersverleden."

Als er één songtekst van toepassing is op het leven van Etienne Vanneste dan is het wel die van ‘Mijn vriend Benjamin’, het lied van Louis Neefs dat in 1971 als B-kantje werd uitgebracht maar uitgroeide tot één van de bekendste nummers van de zanger uit de Kempen. Etienne Vanneste: ‘’Reizen zat er bij mij echt van jongs af aan in. Ik wilde absoluut een stuk van de wereld zien.’’

Toen hij 19 jaar was, ondernam Etienne zijn eerste fietsreis. ‘’Ik reed naar Rome samen met een schoolkameraad. Dat was Ruddy Doom, die later bekendheid verwierf als professor en lesgaf aan de faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen van de Gentse universiteit. Op mijn 20ste ben ik alleen naar Spanje gefietst en het jaar daarop reisde ik naar Griekenland.’’

Acht jaar in Zuid-Afrika

"Daarna trok ik naar Zuid-Afrika. Ik ben er eigenlijk toevallig beland. Ik kon aan de slag bij Siemens in Johannesburg. Ik installeerde telefooncentrales en deed dat in verscheidene steden zoals Paarl, Pretoria en Pietersburg. Ik werkte acht jaar in Zuid-Afrika. Tijdens die periode ontstond het idee om door Afrika te fietsen. Ik begon te sparen om die reis te kunnen financieren."

"Ik heb me niet speciaal op die tocht voorbereid. Ik vroeg de nodige visums aan. Ik had een internationaal paspoort nodig en een gezondheidsboekje, waarin alle inentingen vermeld stonden. Dat moest natuurlijk allemaal in orde zijn. Ik kocht een fiets en traveller cheques, die ik dan op diverse plaatsen in een bank voor cashgeld zou kunnen omwisselen. Mijn bagage bestond uit een klein rugzakje, wat kleding en materiaal om mijn fiets te herstellen."

’Nooit had ik een beter vriend als Benjamin. Hij houdt van reizen. Reizen zit er bij hem in van jongs af aan.
Louis Neefs uit 'Mijn vriend Benjamin'

Etienne vloog van Zuid-Afrika naar Malawi om daar te beginnen aan zijn fietsavontuur. Hij was toen 30 jaar. Hij startte bewust niet in Zuid-Afrika omdat het land toen internationaal geboycot werd vanwege de apartheid, het systeem van rassenscheiding. "Met een stempel van Zuid-Afrika op mijn internationaal paspoort zou ik zeker ambras gekregen hebben in andere landen. In Malawi ging ik naar de Belgische ambassade en vroeg een nieuw paspoort aan. Zo verwees er niets meer naar het feit dat ik van Zuid-Afrika kwam."

De tocht doorheen Afrika ging van start begin november 1976. "De keuze viel op Malawi als vertrekplaats omdat ik daar eerder al was geweest. Ik kende er een veearts, een Engelsman, en kon bij hem logeren. Van de luchthaven fietste ik naar Blantyre, de stad waar die man woonde. Dat was al een stevige rit met veel bergop en bergaf."

In het noorden van Malawi stak Etienne de grens over en kwam zo in Tanzania. Hij reed naar Dar es Salaam, zowel de grootste stad als de belangrijkste havenstad van dat land. Hij volgde de kustlijn aan de Stille Oceaan en trok dan richting de Kilimanjaro.

Het dak van Afrika

Met zijn 5895 meter is de Kilimanjaro de hoogste berg van het Afrikaanse continent. "Je kan naar boven stappen. Je hoeft dus niet langs de rotsen te klimmen. Maar alles hangt ervan af hoe goed je de hoogte verteert. Onze groep bestond o.a. uit ontwikkelingshelpers uit Noorwegen en Zweden. Van hen kreeg ik extra kleding, een dikke jas en een paar stevige schoenen. We zijn met acht personen vertrokken voor een tocht van vier dagen."

"De laatste 800 hoogtemeters zijn heel lastig. Je kan bijna niet slapen omdat je door de grote hoogte je hart constant voelt bonken. De slotklim begon om vier uur ‘s ochtends. De sneeuw was dan nog bevroren en zo had je meer grip. Uiteindelijk hebben we met vier van de acht de top bereikt. Het gevoel dat je daar boven hebt, is super natuurlijk. Als ik foto’s van nu van de Kilimanjaro zie dan valt het me op dat er vroeger veel meer sneeuw lag."

"Tijdens mijn verblijf in Tanzania zag ik een wielerwedstrijd. De renners vormden niet echt een peloton en moesten tussen het andere verkeer rijden. Toch eventjes anders dan bij ons. Voetbal en boksen waren toen de meest populaire sporten in Afrika. Iedereen kende Muhammad Ali."

De zoon van Paul Egli

"Kenia was het volgende land op mijn route. Ik sliep een kilometer of twintig ten zuiden van Mombassa. In Twiga Lodge, een plaats waar veel Afrikareizigers halt hielden. Een Zwitser kwam naar mij en sprak me aan omdat ik mit dem Fahrrad was. Hij reisde samen met zijn vrouw in een Land Rover. We begonnen te babbelen."

"Hij wist veel over wielrennen en toonde interesse voor mijn fietsavontuur. Hij vertelde dat zijn vader nog had gekoerst." Die man bleek Paul Egli te zijn, zoon van de gelijknamige beroepsrenner. Egli senior was in 1936 de eerste Zwitser die in de Tour de gele trui droeg. Op het WK op de weg finishte hij als tweede (1938), derde (1937) en vierde (1936). Bij de amateurs had hij de regenboogtrui wel veroverd en dat in 1933.

Etienne herinnert zich nog goed de route van Mombassa naar Nairobi. "Die regio was niet dicht bevolkt. Je kon makkelijk een halve dag fietsen zonder dat je iemand zag. De weg liep omhoog, vrij lastig dus. En dan ook nog eens de hele tijd de zon op je knikker."

Zijn verblijf in Nairobi, de hoofdstad van Kenia, is de Hoogledenaar ook nog niet vergeten. "Daar ben ik overvallen. Ik had net geld gewisseld. Ze hebben me waarschijnlijk uit de bank zien komen. Ik stond naar wat etalages te kijken. Plots deed er iemand een deur open en anderen duwden me naar binnen. Ik werd beroofd en raakte zo mijn geld en traveller cheques kwijt. Net toen ik op punt stond om de stad te verlaten. Ik ben er nog een drietal weken moeten blijven om alles terug in orde te krijgen."

Oog in oog met een leeuw

"In Kenia heb ik dus tamelijk lang verbleven. Ik kon met iemand mee met de wagen om een aantal natuurparken te bezoeken waar je niet met de fiets in mocht. Het Tsavo National Park heb ik wel al fietsend gedaan. Daar kon je de hele tijd op de hoofdweg rijden. In het midden van het park was een gevangenis. Ik vroeg of ik er kon overnachten. Voor het gebouw stond een kantoortje met een afdak. Daaronder stond een zetel en daar mocht ik slapen."

"De hele nacht was er een bewaker in dat kantoortje. Toch voelde ik me daar buiten onder dat afdak niet op mijn gemak. Het was heel donker en je kon allerlei geluiden waarnemen. Plots hoorde ik het gebrul van een leeuw. Ik zei dat tegen die man in het kantoortje. He’s very far, antwoordde hij."

"Wat later hoorde ik dat gebrul nog een keer. Dat leek me echt niet veraf. Ik opnieuw naar die man. Hij kwam naar buiten en stak zijn zaklamp aan. In de lichtstraal zagen we aan de overkant van de straat een leeuw. Wij vlug naar binnen en deur toe. We hebben dan de rest van de nacht samen thee zitten drinken."

In de dorpen sliep ik vaak in het huis of de hut van de plaatselijke schoolmeester.
Etienne Vanneste

In Afrika at Etienne vaak kip en rijst. "Maar ook krokodil. Dat vond ik lekker. Per toeval heb ik ook aap gegeten. Ik kreeg een soort stoofvlees voorgeschoteld en proefde ervan. Ik nam nog een schep en zag een handje. Toen wist ik dat het om een aapje ging. Mijn honger was over."

Hij ondervond weinig problemen om een stek te vinden om te overnachten. "Zowel in de dorpen als in de steden werd ik door mensen uitgenodigd om bij hen thuis te slapen. Ik heb eigenlijk niet zo vaak voor een overnachting moeten betalen."

"Als je in een dorp arriveerde, moest je je melden bij de chef. Die sprak meestal geen Engels of Frans, enkel de lokale taal. Ze haalden er dan de schoolmeester bij om tolk te zijn. Die zei dan vaak dat ik in zijn huis of hut kon slapen."

De broer van Mobutu

Via Oeganda maakte Etienne de doorsteek naar de Democratische Republiek Congo, die toen Zaïre heette. "In Oeganda was dictator Idi Amin nog aan de macht. Ik dacht: ik mag hier zeker niets mispeuteren of ik vlieg de gevangenis in. In Zaïre passeerde ik het Rwenzorigebergte, reed richting Kisangani en nam de boot om een eind op de Congostroom te varen."

Eén van de volgende haltes was de stad Gemena. "Daar ontmoette ik een Belg, een zekere De Rycke. Hij had nog bij AA Gent gespeeld en belandde daarna ook als voetballer in de Congo. Hij was er getrouwd en er blijven wonen. In Gemena baatte hij een café-restaurant uit. Een oudere broer van president Mobutu Sese Seko kwam er vaak over de vloer. Ik heb die daar toen ook gezien."

Etienne overnachtte nog in een missiepost en verliet dan onze voormalige kolonie om de Centraal-Afrikaanse Republiek binnen te rijden. "Toen en nu één van de armste landen ter wereld. Ik verbleef er in de periode dat president Jean-Bédel Bokassa zichzelf had uitgeroepen tot keizer. Daardoor moest ik een nieuwe stempel krijgen in mijn internationaal paspoort. Eentje met de tekst 'Empire centrafricain’ in plaats van ‘République centrafricaine’."

Op den duur moest ik mijn banden met visdraad herstellen.
Etienne Vanneste

"Mijn fiets zag natuurlijk behoorlijk af tijdens de reis. Ik had die in Zuid-Afrika gekocht. Dat bleek achteraf geen goed idee te zijn. Het was een Engelse fiets met bijgevolg ook Engelse maten, anders dus dan we gewoon waren. Eenmaal in Franssprekend Afrika kon ik geen banden meer vinden met de correcte maat. Het contact met het thuisfront verliep via brieven. Zo bracht ik m’n pa op de hoogte van mijn probleem."

"Hij ging naar een fietswinkel in Roeselare en daar werd het nodige materiaal in Engeland besteld. Als dat in België was toegekomen, moest mijn vader dat dan via de luchtpost opsturen naar Afrika. Dat is een aantal keren voorgevallen. Dat vergde natuurlijk allemaal tijd en energie. Verscheidene van die pakjes met banden hebben mij nooit bereikt. Op den duur moest ik mijn banden herstellen met visdraad."

Zonder water in de woestijn

Vanuit de Centraal-Afrikaanse Republiek trok Etienne naar het westen en doorkruiste achtereenvolgens Kameroen, Nigeria, Benin, Togo en Ghana. "Vanaf Abidjan, de toenmalige hoofdstad van Ivoorkust, ging het noordwaarts en reed ik door Burkina Faso en Mali. Tot in Gao, een stad aan de rivier Niger, waar de asfaltweg stopte."

"Vanaf daar was het enkel zand. Niet te doen met een gewone fiets. Een beetje buiten Gao ben ik dan ook in een vrachtwagen gestapt. Die bracht me naar Adrar in Algerije, waar de asfaltweg opnieuw begon."

"Na de Kilimanjaro vormde de tocht door de Sahara het tweede hoogtepunt van mijn reis. Een hele dag fietsen en je ziet niemand. Ik herinner me nog de dag dat ik vertrok uit Adrar. Vanuit die stad liep er een asfaltweg door de woestijn. Het eerstvolgende dorp lag 200 kilometer verder. Ik had een grote bidon met vijf liter water en een gewone drinkbus."

De Sahara. Dat was indrukwekkend.
Etienne Vanneste

"Net voor mijn vertrek kwam ik een Fransman tegen. Hij zou met een 2pk’tje door de woestijn rijden en wat later dan ik vertrekken. Hij zei me dat ik die grote bidon niet mee hoefde te sleuren. Hij zou die in zijn wagen meenemen en me die geven als hij me onderweg had ingehaald. Ik ging akkoord met zijn voorstel."

"Toen ik een tijdje aan het fietsen was, begon ik regelmatig achterom te kijken. Maar die Fransman daagde niet op. Het was erg heet en in mijn drinkbus zat geen druppel water meer. Dorst dat ik had. Maar gelukkig kwam er een auto uit de andere richting. Ik vroeg de inzittenden of ze drinken hadden voor mij. Die mensen zagen in welke toestand ik was en gaven me onmiddellijk water."

"Het ging om een Zwitsers koppel. Ik heb van hen ook een nieuw paar sportschoenen gekregen. De mijne waren kapot na al die maanden onderweg te zijn. Ik zat er al met mijn tenen door. Toen we afscheid namen, hebben die mensen een stickertje van Zwitserland op de opstaande buis van mijn fiets gekleefd."

Globetrotter voor het leven

De Algerijnse hoofdstad Algiers vormde de eindhalte op het Afrikaanse continent. Daar nam Etienne de boot naar Marseille. "In Frankrijk volgde ik de Rhônevallei. De laatste plaatsen waar ik heb overnacht waren Senlis, dat tussen Parijs en Compiègne ligt, en Arras. Tijdens het slot van de tocht, de rit van Arras naar Hooglede, goot het water." Op 3 november 1977, een jaar na het vertrek, zat het fietsavontuur erop.

"Alles inbegrepen, dus ook de verplaatsingen met vrachtwagen en boot, moet de totale afstand van mijn reis zo’n 20.000 km geweest zijn. Daarvan zal ik er toch zeker 15.000 gefietst hebben. Als ik nu met de fiets van Hooglede naar Roeselare rijd (een rit van nog geen 10 km, nvdr) dan ik puf en blaas ik al (glimlacht)."

"Die reis door Afrika heeft m’n leven beïnvloed. Tot op de dag van vandaag. Omdat je mensen hebt ontmoet van alle rassen en kleuren, mensen met een diverse achtergrond en met een verschillend gedachtegoed." Etienne Vanneste bleef een echte globetrotter. Zowel voor het werk als in zijn vrije tijd. Hij trok alleen of in het gezelschap van zijn echtgenote nog naar o.a. Duitsland, Algerije, Nederland, Zuid-Afrika, Frans-Guyana, Peru en Brazilië.

serviceKoers

Uw browser voldoet niet aan de minimale vereisten om deze website te bekijken. Onderstaande browsers zijn compatibel. Mocht je geen van deze browsers hebben, klik dan op het icoontje om de gewenste browser te downloaden.