longread
interview
retro

"Ik heb nooit een handtekening geweigerd": op de koffie bij Freddy & Carine

10min leestijd   door Bram Constandt op 15 juli 2026
Het heeft niet veel gescheeld, maar hij is er gelukkig nog, de beste West-Vlaamse wielrenner aller tijden. Freddy Maertens flirtte eind 2025 met de eindstreep van het leven. Sindsdien bleef het opvallend stil, op een zeldzame acte de présence na. Nu doorbreekt Maertens samen met zijn echtgenote is Carine de stilte in een openhartig interview met KOERS. Museum van de Wielersport. Op de 50ste verjaardag van Freddy’s wonderzomer van 1976 maken ze samen het bilan op van de afgelopen maanden én van een weergaloze wielercarrière.

Het is met de nodige vraagtekens dat we begin juli halt houden bij Freddy Maertens thuis in Beitem bij Roeselare, want echtgenote Carine liet weten dat Freddy afgelopen winter grote gezondheidsproblemen kende. Meteen ook de reden waarom het lange tijd onzeker was of het interview zou kunnen doorgaan.

Hoe dan ook: we zijn de eersten in meer dan een half jaar die op bezoek komen voor een interview over Maertens' carrière, de gezondheidsproblemen én de toekomst - want ondanks een moeilijke winter kijken Freddy en Carine weer hoopvol vooruit.

De ontvangst is ontzettend hartelijk. Carine leidt ons naar de woonkamer waar Freddy wacht. Hij ziet er goed uit. Een recente check-up in het ziekenhuis bevestigt ook die observatie.

Door het oog van de naald na de coma

Hoe gaat het nu met jullie, na de gezondheidsproblemen van Freddy. Het moet voor jullie geen gemakkelijke periode geweest zijn?

Carine: “Dat klopt zeker. Het heeft allemaal niet veel gescheeld. Het begon begin november vorig jaar met een nachtelijke val in de badkamer. Na een korte hospitalisatie in het AZ Delta volgde een lange hospitalisatie in het UZ Brussel. Daar werd een gescheurd diafragma vastgesteld en werd Freddy zelfs even in een kunstmatige coma gebracht.”

Carine vertelt alles duidelijk aangedaan en zeer gedetailleerd. Ook al liggen de gebeurtenissen al meer dan een halfjaar in het verleden, Carine weet nog elk detail en elke datum alsof het gisteren was. De gezondheidsproblemen hebben duidelijk sporen nagelaten. Even wordt het haar ook te veel en zoekt ze in de tuin de rust op.

Bij haar terugkeer besluiten we het gesprek een andere richting uit te sturen. We zijn hier vooral om het bilan op te maken van een schitterende wielercarrière, waarin Freddy (en Carine) de grootste wieleroverwinningen afwisselde(n) met periodes waarin het leek alsof het echtpaar Maertens voor het ongeluk geboren was.

Podiummissen, familiegeluk en de kracht van het geloof

Gelukkig zien jullie nu terug licht aan het einde van de tunnel?

Freddy: “We zien het terug positief in. Ik word nu ook opnieuw veel gevraagd voor allerhande huldigingen naar aanleiding van de verjaardagen van mijn grote overwinningen. Dit jaar is het 50 jaar geleden dat ik mijn eerste groene trui won in de Tour van 1976 en volgend jaar is het eveneens 50 jaar geleden dat ik de Vuelta won en 13 ritten. Ik denk niet dat er iemand ooit nog zo veel ritten zal winnen in één grote ronde. Ik vraag me trouwens af wat er van die podiummissen uit de Vuelta geworden is en hoe ze er vandaag zouden uitzien. Ik zag ze toen elke dag opnieuw op het podium.”

Haal jullie nog altijd veel kracht uit jullie geloof? Hielp dat geloof jullie door de moeilijke periode?

Freddy: “Jazeker. Er brandt hier altijd een kaarsje van de Heilige Rita in huis. Van Paus Johannes Paulus II kreeg ik ooit een aantal paternosters. Ik hield één voor mezelf en deelde de andere uit aan vrienden en familie met gezondheidsproblemen.”

Carine: “We trekken ons enorm op aan onze dochter Romy en kleindochter Anne-Nina. Zij zijn onze oogappels. Daarnaast zouden we ook van de gelegenheid willen gebruik maken om een aantal mensen te bedanken voor hun steun tijdens de afgelopen periode: Stefaan Wybo die zoveel voor ons regelt en ons zo enorm ontzorgt, maar zeker ook het echtpaar Erwin en Isabelle uit Groot-Bijgaarden waar ik een maand lang mocht verblijven toen Freddy in het nabijgelegen UZ Brussel gehospitaliseerd was. Ik ben die mensen eeuwig dankbaar.”

Freddy: “Wij zijn die mensen inderdaad erg dankbaar. Erwin is 11 jaar jonger dan ik. Hij is als kind grote fan geworden van mij en hij is dat steeds gebleven. Hij stond tijdens de Ronde van België op handtekeningen te jagen. Renner na renner fietste hem ongeïnteresseerd voorbij. Enkel ik draaide mij om en maakte tijd voor hem. Veel later werden we vrienden en nu heeft hij zelfs een heus Freddy Maertens-museum bij hem thuis ingericht.”

We trekken ons enorm op aan onze dochter Romy en kleindochter Anne-Nina. Zij zijn onze oogappels.
Carine Maertens

De Tour van 1976: té veel overwinningen en truien

Freddy komt pas echt op dreef wanneer we het gesprek richting de Tour van 1976 deviëren. Tijdens die Ronde van Frankrijk won Freddy 8 ritten en de groene trui. Hij droeg ook 9 dagen de gele trui. Hij vertelt ook honderduit over het feit dat hij aanbiedingen kreeg om in de rit naar Pla d’Adet achter latere eindwinnaar Lucien Van Impe te rijden, maar dat hij vriendelijk bedankte omdat hij anders vreesde België niet meer binnen te mogen.

Was je als renner ooit nog zo sterk als in die Tour van 1976?

Freddy: “Ja, zeker wel. In het jaar 1981 bijvoorbeeld, toen ik in Praag voor de tweede maal wereldkampioen werd. In 1976 won ik eigenlijk te veel. Ik had zoveel truien en moest die allemaal bewaren om nadien mee te doen naar de inrichters van de na-Tour criteria. Zij vroegen mij namelijk steeds om met een bepaalde trui te rijden.”

Beklaag je het dat je een etappeoverwinning weggaf aan de Franse renner Esclassan van de Peugeot-ploeg? Het had achteraf bekeken een recordbrekende 9 ritoverwinning in één Tour kunnen beteken.

Freddy: “Nee absoluut niet, anders was er een weer een mooie ploeg verdwenen. Peugeot wou zich namelijk uit het wielrennen terugtrekken omdat de ploeg nog geen overwinning had gepakt tijdens de Tour. Het is enkel jammer dat een ploeggenoot van Esclassan al op 100 meter van de streep ostentatief begon te juichen en dat dat gefilmd werd. Zo wist natuurlijk iedereen dat deze overwinning gekocht was.”

Besefte je toen wel voldoende hoe uitzonderlijk jouw prestaties in 1976 waren en heb je er genoeg van genoten?

Freddy: “Ja toch wel. Ik behaalde 56 overwinningen dat jaar. We waren een echte en hechte ploeg. Iedereen reed voor mij op het vlakke en in de bergen deden ze dat voor Michel Pollentier.”

Heb je nog veel contact met je ploeggenoten?

Freddy: “Ja, zeker met Pollentier. We hebben samen zoveel meegemaakt. We trainden ontzettend veel samen, via de IJzer naar Diksmuide en zo naar de bergen in Heuvelland en Frankrijk. Hij is een paar maanden gestopt met samen te trainen omdat mensen zeiden dat het te veel was voor hem. Maar dan presteerde hij niet meer en belde hij om te vragen om er weer samen op uit te trekken. We reden uren naast elkaar, zonder iets te zeggen, van 7u ’s ochtends tot 4u of 5u in de namiddag.”

Terug naar zee waar alles ooit begon

Je woont al vele jaren in Beitem bij Roeselare, maar je bent geboren en getogen in Lombardsijde. Voel je je nu Lombardsijdenaar of Roeselarenaar?

Freddy (overtuigd): “Ik ben Lombardsijdenaar! Ik ben er geboren en opgegroeid en heb er heel lang gewoond. Mijn vader was er ook gemeenteraadslid. Ik zou graag terug aan zee gaan wonen, maar we gaan nu niet meer verhuizen. Onze dochter en kleindochter wonen hier in een straal van een kilometer. We zijn ook erg tevreden in Roeselare en voelen ons er geapprecieerd. Als de wielertoeristen op zondag voor onze deur passeren, horen we ze vanuit ons bed roepen dat Freddy Maertens hier woont. Dan moeten we glimlachen.”

Wat zijn zo jouw vroegste herinneringen?

Freddy (enthousiast): “Mijn vroegste herinneringen? Dat was toen ik 6 jaar was en tijdritten moest rijden op de oprit van mijn grootouders. Mijn grootvader hield mijn tijden bij op zijn horloge. We woonden eerst tussen Nieuwpoort-Stad en Nieuwpoort-Bad. Mijn ouders hadden een wasserette. Een andere vroege herinnering is dat ik op het dak van onze woonst zat. Auto’s toeterden en mensen belden aan. Toen heb ik er serieus van geweten. Mijn vader was erg streng. We moesten ooit de huisarts bellen toen hij in razernij mijn fiets in twee had gezaagd nadat hij had ontdekt dat ik had afgesproken met een meisje van de camping. Tegen het einde van de week had ik wel al een nieuwe fiets. Zo was hij dan ook wel weer.”

Als de wielertoeristen op zondag voor onze deur passeren, horen we ze vanuit ons bed roepen dat Freddy Maertens hier woont. Dan moeten we glimlachen
Freddy Maertens

Je haalde veel kattenkwaad uit?

Freddy: “Ja, ook nog op latere leeftijd. Zo ging ik heel graag jagen. Ik ging dan met mijn vrienden – waaronder mijn beste vriend Boeve – expres illegaal jagen op ganzen in de weide achter de woning van commissaris Landuyt in Westende.”

Die anekdote doet ondergetekende glimlachen, want ik besef dat die clandestiene jacht op ganzen plaats vond achter het huis waar ik nu woon. Mijn vrouw en ik kochten tien jaar geleden namelijk het huis van mijn grootouders, dat naast het huis van commissaris Landuyt was gelegen. Freddy zat ook nog in klas bij mijn grootvader, meester Bloes. Hij reed elke dag met zijn fietsje van Lombardsijde naar de gemeenteschool in Westende. Zijn ogen glinsteren als hij vertelt over zijn schooltijd en zijn kameraden van toen.

Freddy: “Ik heb altijd graag gejaagd, onder andere in de polders en aan het militair vliegveld van Koksijde. Ik droeg dan ook altijd extra gewichten in mijn jas om meer weerstand te hebben en de inspanning lastiger te maken als een soort training. Zo trainde ik ook vaak met extra lood aan mijn pedalen.”

Waar haalde je de motivatie om zo veel te trainen? Naast het talent heb je daar toch mee het verschil gemaakt?

Freddy: “Ik ging mee met mijn neef René Maertens. Hij had ook een wasserette in Sint-Idesbald. We spraken altijd af aan Maison Caré langs de vaart richting Veurne. We namen een klein beetje geld mee en stopten enkel als we niets hadden om te eten en te drinken. Dan kochten we een cola en een wafel bij een winkeltje onderweg. Mijn eerste fietsje was er één van een verhuurder van fietsen en gocarts die na het zomerseizoen zijn fietsen verkocht.”

Welk advies zou je nu geven aan je jongere zelf die begint met koersen?

Freddy: “Veel trainen! Dat maakt het verschil. Ik zie het nu ook bij Tadej Pogacar. Hij traint ook met gewichten, dat zag ik recent nog op een reportage bij Eurosport. Je mag nog zoveel talent en klasse hebben, zonder veel te trainen geraak je nergens.”

Verkochte overwinningen en onverteerde nederlagen

Ben je eigenlijk ooit volledig hersteld van die valpartij in de Giro van 1977 toen je jouw pols brak en veel te snel terug weer koerste?

Freddy: “Ik was toen aan 80 kilometer per uur gecrasht en brak mijn pols. Ik verkocht ook een beetje show. Kort nadien racete ik al tegen het paard van filmacteur Alain Delon in Amiens. Ik zat in de slag met de bookmakers om het paard te laten winnen. Ik heb daar toen veel geld aan verdiend.”

Het op een akkoordje gooien met de organisator, een andere ploeg of een renner van een andere ploeg leek wel heel gebruikelijk in die tijd. Als sporthistoricus en onderzoeker naar fraude in de sport besluit ondergetekende Freddy te polsen naar zijn oordeel over het hedendaagse wielrennen. Worden wedstrijden nog steeds verkocht aan de hoogste bieder?

Freddy: “Natuurlijk gebeurt dat vandaag ook nog! Ze komen er gewoon niet meer zo open voor uit. De begeleiding van de renners is ook veel beter. Ik werd min of meer aan mijn lot overgelaten.”

Die nederlaag tegen het paard van Alain Delon heb je duidelijk gemakkelijk kunnen verteren. Is er een andere nederlaag die wel nog op je maag ligt?

Freddy: “Ja, de WK-nederlaag in Montjuic in Barcelona in 1973. Ik reed met het Japanse Shimano en Merckx en Gimondi reden met het Italiaanse Campagnolo. Campagnolo moest en zou die dag winnen. Het was toen trouwens de norm dat de ploeggenoten betaald werden bij een overwinning. Zo betaalde ik uit eigen zak 250.000 Belgische frank aan mijn ploeggenoten na mijn WK-overwinning in Ostuni in 1976.

Carine: “Ook Eddy Merckx kreeg een deel van de koek. Jaren later, bij de opening van de fietsenwinkel Plum van Kurt Paelinck in Oostende betaalde hij dat bedrag trouwens discreet terug in een pashokje in de winkel. Hij had gehoord dat we financiële problemen gekregen hadden en wou ons een duwtje in de rug geven.”

Ik crashte tijdens de Giro in 1977 aan 80 kilometer per uur en brak mijn pols. Ik verkocht ook een beetje show.
Freddy Maertens

Is er één bepaalde wedstrijd die je nog eens opnieuw zou willen rijden mocht je kunnen?

Freddy: “Het WK in Montreal van 1974 zou ik opnieuw willen rijden. Een verzorger van een andere renner heeft toen iets in mijn drinkbussen gedaan waardoor ik me zo flauw voelde. Ik heb me nadien vier keer gewassen, maar het bleef maar komen. Je had me moeten zien, net als mijn fiets. Die wedstrijd is mijn grootste teleurstelling. Ik kon bijna niet verliezen die dag en toch gebeurde het.”

Een gefnuikte Italiaanse droom en overschilderde fietsen

Hoewel Freddy zijn grootste successen bij de Flandria-ploeg behaalde, blijft hij ervan overtuigd dat hij veel meer uit zijn carrière had kunnen halen bij een professionelere ploeg.

Freddy: “Het was nooit de bedoeling dat ik voor Flandria zou rijden. Ik zou tekenen bij Scic in Italië, maar toen werd mijn moeder ziek. Door die ziekte moesten mijn ouders stoppen met de winkel. Pol Claeys van Flandria overtuigde mijn vader om een fietsenwinkel met Flandria-fietsen te beginnen, maar dan moest ik wel tekenen voor de Flandria-ploeg. Ik wou niet, maar onder druk van mijn vader deed ik het toch. Ik heb er nog steeds spijt van. Mijn vader kon evengoed Italiaanse Colnago-fietsen hebben verkocht in de winkel.”

Je reed later bij Boule d’Or waarschijnlijk veel liever met Colnago dan met de Flandria-fietsen eerder in je carrière?

Freddy: “Ik heb nooit met Flandria-fietsen gereden! Toen Pol Claeys hoorde dat ik Italiaanse fietsen liet overschilderen in de Flandria-kleuren ontbood hij mij op zijn bureau. Hij zaagde mijn 2 fietsen doormidden. Toen ik hem doodleuk vertelde dat het ijzer veel kwalitatiever was dan bij zijn fietsen en dat ik er nog 8 andere thuis had staan, werd hij nog razender.”

Handtekeningfraude en een dankbare echtgenoot

Freddy is duidelijk in zijn sas wanneer hij de vele sappige verhalen uit zijn carrière kan opdiepen. Ook het bidon-verhaal met de champagne bevestigt hij nogmaals: voor de finale van elke grote wedstrijd haalde een ploeggenoot een bidon met champagne bij Lomme Driessens in de ploegauto. Het doet hem zichtbaar deugd om herinneringen op te halen. Toch besluiten we het gesprek langzamerhand af te ronden en stellen we hem de vraag hoe hij zou willen dat de wielerliefhebbers hem herinneren.

Freddy: “Hoe ik was als persoon? Ik heb nooit een handtekening geweigerd, ook al brak me dat bijna zuur op. Ik ben eens opgeroepen bij de rechtbank omdat iemand nadien boven mijn handtekening had geschreven dat ik hem de som van 25.000 Belgische frank was verschuldigd. Sindsdien schreef ik altijd ‘uit sympathie’ naast mijn handtekening.”

Als je terugkijkt op je carrière, op wat ben je dan het meest trots?

Freddy: “Dat ik altijd gezegd heb dat ik alles te danken had aan mijn vrouw en haar goede zorgen. Ze heeft zoveel voor me gedaan. Na elke training stond ze bijvoorbeeld klaar met vers wortelsap. Ze begon het pas te persen toen ik de steentjes van de oprit van onze villa opreed.”

Uit die oprechte woorden blijkt nogmaals wat een sterk en mooi koppel Freddy en Carine zijn. Ondanks alles wat ze meemaakten, blijven ze hoopvol naar de toekomst kijken. En die toekomst is vooral gericht op dochter Romy en kleindochter Anne-Nina.

Freddy Maertens

Freddy Maertens (Lombardsijde, 13 februari 1952) is een Belgisch voormalig wielrenner die beroepsrenner was van 1973 tot 1987. Hij won veel van zijn wedstrijden in de sprint en kon dankzij zijn kracht goed op het grote verzet rijden. In drie deelnames aan de Ronde van Frankrijk won hij vijftien etappes en droeg hij negen dagen de gele trui. Driemaal won hij de groene trui voor het puntenklassement. Maertens heeft het record in handen voor meeste overwinningen in één Ronde van Frankrijk (met Eddy Merckx) en één Ronde van Spanje.
serviceKoers

Uw browser voldoet niet aan de minimale vereisten om deze website te bekijken. Onderstaande browsers zijn compatibel. Mocht je geen van deze browsers hebben, klik dan op het icoontje om de gewenste browser te downloaden.