Na enkele jaren bij pro-continentale ploegen (PRT) maakte Cériel Desal dit seizoen de overstap naar Soudal Quick-Step Devo Team. Het Devo Team is de officiële opleidingsploeg van Soudal Quick-Step die jonge talenten klaarmaakt voor het hoogste niveau. Door zijn ervaring bij onder andere Wagner Bazin WB begeleidt de Roeselarenaar dit jaar de jeugd, vooraleer hij volgend seizoen zelf de overstap maakt naar het WorldTour Team.
Als kleinzoon van wereldkampioen Benoni Beheyt en neef van Guillaume Van Keirsbulck, die zelf nog de Soudal Quick-Step-trui heeft gedragen, brengt Desal een rijke wielertraditie mee naar zijn nieuwe team. Die roots liggen verankerd in Roeselare, de bakermat van zijn koersverhaal.
Cériel Desal voelt zich diep verworteld in Roeselare, waar hij opgroeide, naar school ging en nu nog altijd thuiskomt na trainingen. Roeselare vormt het hart van zijn wielerfamilie. Hij groeide op in het huis van zijn grootouders, waar zijn opa Benoni Beheyt na zijn glorieuze wielercarrière een bloeiende fietswinkel uitbaatte.
Vandaag is die ruimte omgetoverd tot een gezellige mancave met pronkstukken als het ingekaderde WK-diploma en het gesigneerde regenboogtruitje van Beheyts mythische zege. Beheyt werd in 1963 wereldkampioen door in een massasprint in Ronse gedoodverfd favoriet Rik Van Looy te verrassen. Het is opa Benoni die hem aan het wielrennen bracht en nog altijd zijn grootste supporter is.
Zijn ouders kochten het huis toen Cériel twee, drie jaar oud was, inclusief de fietsenwinkel. “Eerst huurden we een appartement hier een beetje verderop, maar opa stelde voor om het huis over te nemen”, vertelt Cériel. Cériel zelf maakte de winkel niet bewust mee, maar de band met de buurt blijft wel hecht. “De buren zijn heel begaan met mijn carrière. Soms zien ze me vertrekken en een paar uur later terugkeren. Dan zijn ze altijd geïnteresseerd in hoe mijn training ging.”
“Ik heb mijn eerste koers gereden met een fiets van opa die veel te groot was en waarmee ik sukkelde”, vertelt Cériel. “Oma en opa brachten me naar wedstrijden toen mijn ouders moesten werken. Ze hebben alles meegemaakt vanaf de eerste dag.” Voor hij aan wielrennen begon, basketbalde Desal. “Met opa ging ik toen vaak mee naar de koersen van mijn neef, Guillaume (Van Keirsbulck). Ergens had ik toen al in mijn hoofd dat ik ook coureur wilde worden. Toen ik twaalf werd, heb ik ook effectief de overstap gemaakt.”
De push van opa Beheyt was doorslaggevend. “Als je blijft werken en erin gelooft, komt het goed.” Die raad hielp Cériel door zijn moeilijke beginjaren. “Ik zag talentvolle leeftijdsgenoten stoppen, maar ik bleef volhouden”, vertelt hij. “Ik heb er veel voor opgeofferd, maar het heeft me gemaakt tot wie ik nu als renner ben.”
Opa’s sprintmentaliteit kreeg hij niet mee, maar Desal blinkt wel uit in ontsnappingen. Toch hielp grootvader Beheyt met koerstips. “Bij de junioren mocht ik vaak proberen sprinten. Opa ging dan altijd op 250 meter van de meet staan. Zo wist ik precies wanneer ik mijn sprint moest aanzetten. Als ex-sprinter wist hij perfect wanneer ik moest gaan. Het werkte, ik won er koersen mee.”
Ook vandaag supporteren zijn grootouders nog volop mee. Weliswaar niet meer live aan de meet, maar wel pal voor de tv. “Een paar jaar geleden wilde ik op stage naar Calpe in december. In plaats van maten te vragen of een appartement te huren, schoot het me te binnen: waarom niet aan oma en opa vragen die zelf vaak naar Spanje gaan? Zo waren we met z'n drieën op reis. Oma zorgde voor het eten en deed de was en ik kon daar trainen. Ik deelde ook mijn locatie via een app. Zo konden ze zien waar ik zat, voor het geval er iets mis was.”
“Die app waarmee ze me kunnen volgen, gebruiken ze nog steeds. Na een training van 200 kilometer krijg ik dan meteen een berichtje van opa: ‘Amai, serieuze sessie!’” Intussen gaat opa Beheyt niet meer mee naar de wedstrijden. “Hij zegt dat hij de koers het beste ziet op televisie”, vertelt Cériel. “Soms gaat hij met mijn vader nog naar streekkoersen, maar vooral als hij zin heeft.” Een uitzondering was twee jaar geleden toen Cériel tweede werd in Denain. “Uiteindelijk ging hij mee. Hij noemde het de beste dag van zijn leven. Ik zat de hele dag in de vroege vlucht en uiteindelijk werd ik tweede.”
Bij de junioren mocht ik vaak proberen sprinten. Opa ging dan altijd op 250 meter van de meet staan. Zo wist ik precies wanneer ik mijn sprint moest aanzetten.
Hoewel opa minder vaak meekomt, blijft zijn oog voor de koers messcherp. Zelfs recent gaf hij nog tips tijdens de wedstrijd van Cériel. In de Textielprijs in Vichte sukkelde Cériel nog met corona en trapte hij met een te groot verzet op de Tiegemberg. “Opa stond bovenop de Tiegemberg. Achteraf zei hij meteen: 'Je mag dat niet doen, niet zo groot rijden. Dat is niet goed voor je benen.'”
Cériel had graag de sprintkwaliteiten van opa Beheyt geërfd. “Mocht ik de sprint hebben van mijn opa, dan had ik al veel koersen gewonnen. Het is jammer dat ik dat niet heb meegekregen. Maar ik kan daarentegen wel langer een hoger tempo rijden.”
Cériel kijkt ondertussen hoopvol naar zijn nieuwe hoofdstuk bij Soudal Quick-Step Devo Team. “Ik ben al twee keer op stage geweest met mijn nieuwe ploeg en het verschil is echt enorm groot met de voorgaande jaren. Quick-Step blijft nog altijd een West-Vlaamse ploeg, dus er zitten veel West-Vlaamse renners. Alles is super professioneel geregeld: het materiaal, de voeding,… En de trainers zijn van wereldniveau.”
De overstap voelt voor Cériel als een nieuw begin. “De ploegen waar ik voor reed, moet ik dankbaar zijn. Ze hebben mij de kans gegeven om prof te worden. Nu merk ik wel dat het echt een nieuwe wereld is die opengaat.”
Nu in een nieuwe omgeving wil ik een grote stap zetten en een betere renner worden. Ik wil me profileren als een goede knecht.
Zijn doelstelling voor dit jaar is helder. Hij wil vooral blijven groeien als renner en nog een forse stap voorwaarts zetten. “Ik merk wel dat ik ieder jaar beter en beter word”, zegt Desal. “Nu in een nieuwe omgeving wil ik een grote stap zetten en een betere renner worden. Ik wil me profileren als een goede knecht. Ik ben geen winnaar, maar ik wil wel de sprinters zoveel mogelijk proberen te helpen, zodat ik mijn steentje kan bijdragen aan de overwinning.”
De transfer naar Soudal Quick-Step zorgde bij opa Benoni voor heel wat emotie: “Hij was al enorm trots toen ik prof werd. Maar een overstap naar Soudal Quick-Step, dat had hij misschien zelf nooit gedacht. Nadat ik had getekend, was hij de eerste persoon die ik had gebeld. Ik denk dat hij toen tranen in zijn ogen had.”
Met een mengeling van nostalgie en ambitie duikt Cériel Desal in zijn nieuwe hoofdstuk, waar de lessen van opa Beheyt hem blijven inspireren. Terwijl hij de jonge talenten bij Soudal Quick-Step Devo Team zelf mentort, lonkt de WorldTour-trui voor Cériel in 2027.
Zondag 11 augustus 1963. In en rond Ronse wordt het wereldkampioenschap wielrennen op de weg georganiseerd. Zeventien plaatselijke ronden van zo’n...
‘Smetje van Lichtervelde’, ofwel Gilbert Desmet. 93 jaar is de ex-renner intussen. Naar de koers kijken op televisie en namijmeren over vroeger in...




